Zieke mensen die ’s avonds of in het weekend een Nederlandse huisartsenpost bellen, krijgen in twee van de vijf gevallen geen goed medisch advies. De urgentie wordt dan meestal onderschat.
De Nederlandse onderzoeker Hay Derkx onderzocht de manier waarop huisartsenpostassistenten aan de hand van de klachten van bellers de ernst van de situatie inschatten. Binnen een paar minuten moeten ze bepalen of iemand snel een dokter moet zien, of dat het kan wachten tot de volgende dag. Telefonische triage, heet dat.
Derkx en zijn collega’s publiceerden de resultaten van hun onderzoek op 12 september in het tijdschrift Britisch Medical Journal.
Neppatiënten
Voor het onderzoek belden acteurs met zeventien huisartsenposten in Nederland. Ze speelden de rol van zeven verschillenden patiënten. Iedere post kreeg drie keer dezelfde neppatiënt voorgelegd, verspreid over een periode van een jaar. Bijvoorbeeld een volwassen man met een bloedneus, zonder andere klachten. Daarop hoort de assistent te besluiten dat het geen spoedgeval is. Of een man met bloedneus, met blauwe plekken die binnen een paar uur waren opgekomen (wel spoed).
Te snelle conclusies
De onderzoekers vonden dat de assistenten te snel concludeerden of iemand een spoedgeval was of niet, en zelden advies gaven over wat mensen zelf konden doen en wanneer ze terug moesten bellen.
Onderschatten
„Om de urgentie goed te kunnen bepalen, heeft een groep huisartsen voor alle klachten standaard vragenlijsten aangelegd”, legt onderzoeker Derkx uit. „Gemiddeld stelden triagisten maar 21 procent van die vragen.” Hierdoor maakten ze maar in 58 procent van de gevallen een correcte inschatting van de vereiste spoed. Eén procent werd overschat, de rest onderschat.
„Wat ons onderzoek vooral laat zien is dat het erg belangrijk is om door te vragen”, zegt Derkx. „Triagisten hebben de neiging om te snel een conclusie te trekken. Dat is niet alleen in Nederland zo, in het buitenland komen vergelijkbare getallen uit onderzoeken naar voren.”
In het diepe
Derkx denkt dat assistenten bij de invoering van het huisartsenpostensysteem acht jaar geleden in het diepe zijn gegooid. In hun opleiding moet meer nadruk komen op het belang van doorvragen. Daarnaast pleit hij voor de invoering van een geautomatiseerd triagesysteem. Dat wordt op een aantal huisartsenposten in Nederland al gebruikt. De vragen zijn daarin vastgelegd, en de assistenten kunnen zich zo beter op de patiënt richten.
Bron tekst: NRC Handelsblad (Niki Korteweg), 16-09-2008